Uit: magazine ‘Drop’, zéér lezenswaardig magazine voor Nederlanders in Frankrijk of gewoon voor elke Francofiel. www.lesamisdedrop.fr
“Heeft u ook een Gouais blanc?” In de wijnwinkel waar ik werk heb ik die vraag nog nooit gekregen. Logisch, want dit druifje wordt bijna nergens meer verbouwd. Maar dat was in de Middeleeuwen wel anders; toen stond Frankrijk er vol mee.
De Gouais blanc is een van de oudste Franse druivensoorten en staat aan de wieg van vele druivenrassen die wereldwijd bekend zijn. Zij heeft een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van de Europese wijnbouw, maar staat nu op de lijst met ‘bedreigde’ druivensoorten. Hoe heeft dat nu kunnen gebeuren? Een kort verhaal over de opkomst en teloorgang van een van de waardevolste druiven in de Franse wijngeschiedenis.
De opkomst van de Franse wijncultuur
Een glaasje wijn erbij was al in de eeuwen voor Christus populair onder de Franse bevolking. Als hygiënische dorstlesser, als religieus symbool of voor medicinaal gebruik. Ook werd er al rijkelijk wijn geschonken bij de feestbanketten van de edelen en de gegoede burgerij. De bekendheid van wijn nam een grote vlucht toen de Etrusken, Feniciërs en Grieken in de bloeiende handel rond de Middellandse Zee hun wijnen verkochten en zelf wijngaarden startten in de handelsnederzetting Massilia (Marseille). De Romeinse veroveringen in Gallië hebben vervolgens de wijncultuur verder noordwaarts door het dal van de Rhône gebracht. Vanaf die tijd werd de kunst van het maken van wijn op landgoederen, kloosters en abdijen verder geperfectioneerd en was wijn niet meer weg te denken uit het Franse leven van alledag.
Vruchtbaar cadeau van de Hunnen of een glaasje bocht?
Sommeliers waren echter nog niet nodig in die tijd: de Franse wijnkeuze was zeer beperkt. Pinot noir was zo ongeveer het enige dat men kon krijgen bij een lapje zelfgeschoten hertenbiefstuk. Dat veranderde met de komst van de oermoeder onder de druiven: de Gouais blanc. Een van de kenmerken van de Gouais blanc is de zeer hoge productiviteit en de regelmatige oogst. Hierdoor werd de druif al gauw heel populair bij Franse wijnboeren en wijnmakers. Kwalitatief was deze druif niet opperbest, maar daar maalden de armere boeren en burgers niet zo om.
Een legende vertelt dat de deze druif naar Frankrijk is gebracht door Germaanse volkeren die het Romeinse Rijk veroverden in de 5e eeuw na Christus. Daardoor heet zij in Duitsland de Weiβer Heunisch, vernoemd naar de grote Germaanse leider Atilla de Hun. Een tweede, meer voor de hand liggende, uitleg is gelieerd aan de matige kwaliteit. In de middeleeuwen had men de vinum franconicum, de Frankische en goede wijnen, en de vinum hunicum, de minderwaardige wijnen. ‘Heunisch’ werd ook wel gebruikt als aanduiding voor álle wijnen van slechte kwaliteit, ongeacht het druivenras. Een van de oudste vermeldingen van de term ‘Heunisch’ staat in het Kreutterbuch van Hieronymus Bock uit 1539: ‘de grote Hynsch druiven, die bekend staan om hun snelle groei, worden door sommigen schijt-druiven genoemd’.
Alliance française
Die slechte kwaliteit van de wijn, daar kwam als snel verandering in. De Gouais blanc had namelijk nog een bijzondere eigenschap: het was een uitstekende ‘moederdruif’. Ze kruiste gemakkelijk met andere druivensoorten, waardoor nieuwe en verbeterde druivenrassen ontstonden. Het was waarschijnlijk de Franse edelman Pierre de Gouais die dit ontdekte, en waar de druif haar Franse naam aan dankt. Deze wijnliefhebber uit de Champagne zorgde in de 11e eeuw na Christus voor een brede verspreiding en kruising van de Gouais blanc om de kwaliteit van Franse wijnen te verbeteren.
Wat een succes werd dat! De sterke Gouais blanc en de chique Pinot noir bleken een perfect stel. Zij brachten vele populaire en kwalitatief goeie druivenrassen voort. De bekendste ‘offspring’ uit deze succesvolle alliance française is wel de Chardonnay, anno nu een van de meest aangeplante druivensoorten ter wereld. Gouais blanc en Pinot noir staan ook aan de wieg van de Gamay, de Auxerrois, de Aligoté, Riesling, de Melon en van nog vele andere minder bekende druiven.
De teloorgang van de moederdruif
Helaas is de oermoeder totaal in de vergetelheid geraakt en bijna geheel verdwenen uit de wijnbouwgebieden in Frankrijk. De jongere druivensoorten, ontstaan uit de alliance, hadden de goede genen van beide ouders meegekregen, waren sterk en van uitstekende kwaliteit. De oermoeder werd steeds minder aantrekkelijk voor wijnboeren en wijnproducenten. Tijdens de agrarische hervormingen in het Frankrijk van de 19e eeuw werd gefocust op de productie van kwaliteitswijnen. Dit resulteerde in het structureel uitbannen van mindere druivensoorten, zoals de Gouais blanc. De oermoeder werd door haar eigen kroost ten val gebracht.
Wie tegenwoordig nog een glaasje Gouais blanc wil proeven, moet de grens van Frankrijk overgaan. In het Zwitserse Visp, in het kanton Valais (Wallis in het Duits), leggen twee gepassioneerde wijnmakers zich toe op het in stand houden van zeldzame druivenrassen. Zo ook ‘Gwäss’, de Zwitserse benaming voor de oermoeder. De ‘AOC Wallis Gwäss’ heeft aroma’s van citrus, peer en groene appel. Een frisse smaak gecombineerd met een zeer rijk verleden.